De evaluatie van Sciensano is niet echt geruststellend voor de komende jaren, met toenemende ongelijkheden in de gezondheid van onze medeburgers en groeiende verschillen...
Casus 1: wij willen euthanasie Een 75-jarige dame werd door haar echtgenoot naar de dienst oncologie gebracht met de vraag om euthanasie uit te voeren. Beiden zagen de huidige leefsituatie niet meer zitten en aangezien de patiënte aan gevorderde borstkanker leed, vroegen zij en haar man om een euthanasieprocedure te starten.
Casus 2: ik zie het niet meer zitten Een patiënte en haar echtgenoot consulteerden met een vraag naar euthanasie. Patiënte leed sinds jaren aan het chronischevermoeidheidssyndroom. Ze had verschillende behandelingen gevolgd, maar deze hadden alle geen resultaat opgeleverd. Patiënte vroeg dat er een einde aan haar leven gesteld werd. Ze had een lijvig dossier bij met alle onderzoeken die over de jaren waren uitgevoerd en die de diagnose van chronischevermoeidheidssyndroom suggereerden.
Casus 3: ik word verwezen voor euthanasie Een 65-jarige vrouw consulteerde het palliative support team in verband met een vraag naar euthanasie. Zij kreeg tien jaar geleden de diagnose van mondbodemcarcinoom, waarvoor ze geopereerd en bestraald werd. Sindsdien klaagde patiënte over chronische pijn. Zij werd hiervoor behandeld in verschillende pijnklinieken, maar de pijn kon niet gecontroleerd worden. Zij consulteerde een kaakchirurg in verband met haar vraag naar euthanasie, die haar doorverwees naar het palliative support team.
Casus 4: ik eis euthanasie voor mijn oom in coma Een patiënt met een gemetastaseerd longcarcinoom werd opgenomen op de palliatieve eenheid vanwege een terminale setting. Hij klaagde van ernstige dyspneuklachten. Er werden verschillende symptomatische behandelingen opgestart, doch deze bleken alle inefficiënt. Men constateerde dat het ging om een refractair symptoom en met de patiënt en zijn naaste familie werden de mogelijke beslissingen rond het levenseinde besproken. Patiënt wenste geen euthanasie, maar koos voor palliatieve sedatie. Deze werd ingesteld en patiënt viel in een diepe slaap. Na drie dagen kwam een neef met een wilsverklaring van de patiënt. Hij wilde dat er euthanasie werd uitgevoerd omdat het “nu lang genoeg geduurd heeft”.
De patiënt de ‘macht’ geven om rechtstreeks in te grijpen in factoren die bepalend zijn voor zijn gezondheid, dat noemen we empowerment. Dit concept is heel erg ‘in’ en wordt door anderen ook weleens omschreven als ‘emancipatie van de patiënt’. In de dagelijkse praktijk blijkt de techniek een ‘must’ te zijn, aldus dr. Jean Laperche, huisarts in Barvaux-sur-Ourthe. Hij geeft regelmatig opleidingen over de techniek van het motivatiegesprek om artsen beter te leren luisteren naar de patiënt en zijn prioriteiten. De bedoeling: komen tot een oplossing die voor beide partijen – de zorgverlener zowel als de patiënt – bevredigend is in het therapeutische traject op weg naar meer welzijn. Bestaat de uitdaging er tenslotte niet in om de patiënt een kader te bieden waarin hij zijn wensen duidelijk kan maken en zijn keuze kan uitdrukken?
Meer dan twee jaar geleden trad de wet op medische ongevallen in werking. De onderhandelingen over de vorming van een regering hebben de uitwerking van het fonds lange tijd vertraagd. Daarna hebben het kabinet Onkelinx, het Riziv en de raad van bestuur van het fonds de turbo aangezet. Vanaf 1 september zal de nieuwe administratieve structuur operationeel zijn. Er ontbreekt alleen nog een algemeen directeur, maar dat verhindert slachtoffers van een medisch ongeval niet om al een dossier in te dienen.
Casus 5: hoor je niet dat mijn man euthanasie vraagt? Een 80-jarige man werd opgenomen op de palliatieve eenheid vanuit de dienst neurochirurgie. Hij was gediagnosticeerd met een hersentumor, waardoor hij afasie vertoonde. Tijdens de opname op de palliatieve eenheid was het moeilijk met patiënt te communiceren en was het moeilijk om juist te achterhalen wat de patiënt wenste. Uit zijn lichaamstaal leidde het verzorgend en behandelend team af dat patiënt zich niet in distress bevond.
De euthanasiewetgeving in België heeft de rechtspositie van de arts en van de patiënt rond de vraag naar euthanasie klaarder gesteld. Toch zijn er nog vele werkpunten rond deze wet.
Gezondheid is een actieveld, een competentiedomein, een industriële sector… maar ook een basiswaarde.
De Belgische euthanasiewet heeft ertoe geleid dat de professionele hulpverlener zijn patiënt kan helpen zijn leven te beëindigen als deze voldoet aan de criteria binnen de wetgeving. Onvoldoende kennis van de wet heeft echter ook geleid tot verkeerde verwachtingspatronen van de patiënt en zijn naasten en in de maatschappij. Aan de hand van vijf casussen wordt dit nader toegelicht. De voorwaarden waarbij een euthanasieprocedure kan worden opgestart dienen bij het brede publiek maar ook bij de professionele hulpverlener een betere bekendheid te krijgen. Het is ook van belang dat het brede publiek weet dat een arts niet verplicht is om euthanasie uit te voeren tegen zijn geweten in. Ten slotte zijn er nog punten waar de wet geen uitsluitsel geeft.
De laatste jaren zijn er regelmatig sensibiliseringscampagnes in de media om de bevolking erop attent te maken dat zich goed beschermen tegen overmatig zonlicht een noodzaak is, net als het regelmatig laten controleren van gepigmenteerde huidvlekjes. Maar hoe wordt de impact van dergelijke campagnes gemeten?
Skin Vol. 28 Nr. 1
Schrijf u gratis in op onze wekelijkse nieuwsbrief en ontvang het laatste nieuws en nog veel meer ...